Ach lieve jongen, je mag er zijn

‘Mijn mindfulness-afspraak donderdag gaat niet door’, zeg ik tegen Karin tijdens het eten. Ik zie haar nadenken, voel mijn lichaam al wat aanspannen door haar twijfelende blik. Oh god, ze heeft geen idee waar ik het over heb, denk ik. ‘Je hebt vast een keer verteld waar dat over ging?’, vraagt ze aarzelend. ‘Ja’, mompel ik kortaf en frons mijn wenkbrauwen. Ik voel me niet gehoord en te trots om het nog een keer te zeggen. In mijn hoofd zie ik een kleine Davey, die zich niet gezien voelt. Het lukt me niet om daar afstand van te nemen, ik bén op dat moment die kleine Davey. Zonder er verder op in te gaan, neem ik een hap van mijn nasi.

‘Hello, inner child, I’m the inner babysitter!’ – Terry Pratchett

Patronen uit de eerste levensjaren

Met mijn sangha zijn we momenteel een verdiepingsgroepje gestart om dieper te kijken naar ons innerlijke kind. We onderzoeken onder andere ‘schadelijk’ gedrag in de kindertijd. Zo had mijn vader bijvoorbeeld depressieve buien en zat hij urenlang in het donker in de woonkamer. Ik vond die weken verschrikkelijk kan ik me herinneren. Ik trok me terug op mijn kamer en sloot me er van af, ook intern waarschijnlijk. Ik was toen al puber, maar in de eerste vijf jaren van je leven ontstaan de meeste patronen schijnt. Dr. Gabor Maté, een bekende verslavingsarts, zegt dat verslavingen hun oorsprong hebben in die eerste levensjaren van een mens. Toen ik één was, heb ik met een bacterie op sterven na dood een tijdje in het ziekenhuis gelegen. Ik kan me voorstellen dat dat hele kleine ventje, doodsbang moet zijn geweest. Ben ik daarom verslavingsgevoelig?

‘Inner child work is essential. It’s the essence of growth as a whole person.’ – Cheryl Richardson

Kennismaking met kleine Davey

Ik denk dat ik twintig was toen ik voor het eerst naar een psychotherapeut ging. Aanleiding was een avondje oude video’s kijken. Mijn vader liet op een groot scherm beelden van mijn moeder zien en ik hoorde negen jaar na haar dood weer eens haar stem, ik moest ontzettend huilen. Het zette me aan het denken. Hoewel ik een prima puberteit had, en ook als begin twintiger vrij vrolijk  in het leven stond, had ik toch het idee dat ik trauma van vroeger niet goed had verwerkt. In de gesprekken met de therapeut kwamen we al snel uit bij kleine Davey, mijn innerlijke kind. Ik moest hem visualiseren en bedenken wat hij nodig had. Ik vond het maar vreemd allemaal. Maar terugkijkend was dat mijn eerste hernieuwde kennismaking met mezelf.

‘Innerlijke kind therapie is erop gericht om blokkades of problemen vanuit het heden aan te pakken door terug te gaan naar de kindertijd of door te kijken naar de kwetsuren van je innerlijk kind.’ – vind-een-therapeut.nl

Innerlijk kind therapie

‘Stel dat je opgroeide in een situatie waar weinig tijd, warmte en aandacht voor je was of waar volwassenen over jouw grenzen heen gingen. Je kan dan (onbewust) gaan geloven dat je er niet mag zijn, dat je niet de moeite waard bent’, zegt psycholoog Annemiek Berkel op haar site. ‘Deze, vaak verborgen, diepgewortelde overtuigingen kunnen veel invloed op jouw leven hebben. Als kind leer je ook bepaalde gedragspatronen, bij wijze van overlevingsstrategie. Als volwassenen kunnen deze patronen je erg in de weg staan.’  Vooral in mijn relatie merk ik dat diepgewortelde patronen me soms in de weg zitten. Of het nou bij het delen van een verhaal tijdens het eten is, of dat ik mezelf afsluit van Karin als ik niet lekker in mijn vel zit. Het is haast allemaal terug te leiden naar toen ik klein was. In mijn herinneringen was mijn jeugd trouwens allerminst een drama. Iedereen zorgde ervoor dat ik niks te kort kwam ondanks alle vervelende gebeurtenissen. Onbewust zette het wel een en ander in werking. 

‘The cry we hear from deep in our hearts, comes from the wounded child within. Healing this inner child’s pain is the key healing to transforming anger, sadness, and fear.’ – Thich Nhat Hanh

Boeddhisme en het innerlijk kind

Het moet 2011 zijn geweest ongeveer toen ik weer écht in contact kwam met mijn innerlijke kind. Tijdens een retraite in het EIAB in Duitsland werd ik overvallen door een innerlijk kind meditatie. De meditatieleraar vroeg ons om contact te maken met onze kleine ik. Ik zag mezelf als 10-jarig jochie, alleen en verdrietig. De tranen rolden over mijn wangen. Heftig, maar het was ok. Ik zat ermee en het voelde als een opluchting. ‘We hebben allemaal de neiging om onze kindbehoeftes weg te duwen’, zegt Thich Nhat Hanh. ‘Ín het Boeddhisme leren we dat ons eigen innerlijke kind in het hier en nu aanwezig is en mag zijn.’  In de MBSR mindfulness training benoem ik het innerlijk kind niet. We zijn vooral bezig met ervaringen in het nu. Het kan wel behulpzaam zijn om even te stoppen wanneer je je bewust bent van (een innerlijk kind) reactie. Zoals we ook in de MBSR-training oefenen. Vervolgens merk je op wat je voelt en denkt, en breng je je aandacht naar je adem.

‘Caring for your inner child has a powerful and surprisingly quick result: Do it and the child heals.’ – Martha Beck

Ach lieve jongen

‘Ach wat heb je het lastig gehad, lieve jongen’, zegt Boeddhistisch leraar Wim Heusinkveld zo nu en dan tegen zijn kleine ik. Tijdens een retraite onlangs legde hij uit hoe hij als kleine jongen in een heel groot boerengezin weinig aandacht kreeg. Hoe hij dat te kort aan aandacht transformeerde door onder andere zichzelf liefdevol toe te spreken. Als ik me weer eens niet gezien voel, zoals laatst aan tafel, probeer ik me tegenwoordig op dat moment of desnoods naderhand op eenzelfde manier te troosten. Ach lieve jongen, voelde je je weer niet gezien, zeg ik dan in mezelf. Of als ik mediteer, pak ik een kussen en houd ik mijn kleine ik eens stevig vast. Wat ook helpt, is om iets te doen waar mijn innerlijke kind heel blij van wordt. Zo wandelde ik na het ‘tafelincident’ naar de zee en nam ik een duik in het koude water. De adrenaline golfde door mijn lijf. Ik voelde me zo blij als een kind.

‘In every real man a child is hidden that wants to play.’, –  Friedrich Nietzsche

Ach lieve jongen
wat doet het pijn
ik zie je
je mag er zijn

Ach lieve jongen
kom maar onder je kussen vandaan
de ruzie is over
je kunt rustig slapen gaan

Ach lieve jongen
druk je armen maar om me heen
hou me stevig vast
je bent niet alleen

Ach lieve jongen
kom maar naar huis
de rust is terug
ik ben je thuis

Ach lieve jongen
droog je tranen
het gevaar is weg
we zijn samen

Ach lieve jongen
kom maar bij me
het is oké
ik ben er voor je

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *