Een papatje vrijheid
Een kakofonie van geluid,
een snackbar
Mijn innerlijk geklets
dat wint het by far
Een gekleurde toffee,
een opgedofte hamburgertent
Mijn geduld is op
ik snak naar het eind
Een rommelende buik,
een overprikkeld brein
Mijn energie loopt vast,
dit is niet fijn
Een heet device,
een auto-immune afleiding
Mijn vinger scrollt
in een vicieuze kring
Dan
Een heilzame gedachte,
een losse flodder
Mijn inademing trekt
me uit de moddder
Een andere keuze,
een klodder mayo
Mijn bewustzijn
neemt afstand van het geklojo
Een duimpje omhoog,
een stay-okay
Mijn lijf
frituurt niet meer mee
Een ontspannen gevoel,
een patatje vrijheid
Mijn uitademing
verlost me van de strijd
Om me heen klinkt een kakofonie van geluid. De inrichting van de snackbar oogt als een gekleurde toffee, een opgedofte Amerikaanse hamburgertent. Het prikt aan mijn ogen.. We wachten al een half uur op een frietje. Het rommelt in mijn buik van de honger, maar ook van de overprikkeldheid. Ik blijf maar op mijn telefoon scrollen, voel me heel ongemakkelijk. Ineens bedenk ik me, ik kan ook op mijn adem letten. Ik sluit mijn ogen en adem drie keer diep in en uit. Ik voel direct ontspanning in mijn lijf. Voel ook juíst de spanning in mijn lijf, in mijn buik. Merk mijn gedachten op: wat duurt het lang, wat een ruktent. Oh jee mijn buik… Moet ik wel patat eten?… Met mijn ogen gesloten blijf ik een paar minuten zitten, met al het ongemak. De gedachtentrein vertraagt, evenals de onrust in mijn lijf. Dan gaat het belletje. Ik open mijn ogen. De friet is klaar.
“Try to be like the turtle., at ease in your own shell.” — Bill Copelan
Overmoedig
In mijn vorige blog schreef ik over overgave, hoe ik van de zomer daartoe werd gedwongen. Ondanks dat ik me doodziek voelde, bracht de overgave me dichter bij mezelf. Maar hoe blijf ik in die kwetsbaarheid? Zo dicht bij mezelf? In die overgave? Want nu ik me weer wat beter voel, merk ik dat oude patronen weer op komen borrelen. Ik word overmoedig. Zo kocht ik een skimboard op vakantie, en bij een van de eerste rides, scheurde ik bijna mijn kruisband af… Een paar golfballen slaan met een vriend in de volle zon?! Tuurlijk. Op de terugweg kon ik mijn ogen amper open houden van vermoeidheid en had ik opeens weer pijn mijn buik.
“Overmoed is een vorm van controle”, las ik online, “Maar dan vermomd als daadkracht. Je stuurt maar zonder te luisteren naar je lijf.” Mijn lichaam voelt zich iets beter, en ik ga meteen weer in de actie, skimboarden, golfen in de volle zon, alsof ik wil bewijzen dat ik weer “de oude” ben. Het is een poging om de regie terug te pakken, maar het negeert de signalen van mijn lichaam. Vooral merk ik ook dat ik weer meer in mijn hoofd ga zitten, omdat er keuzes zijn. Kan ik dit wel eten of niet? Een voetbalwedstrijd spelen? Meer werken? Al met al veel twijfels over wat ik wel of niet kan doen, ook een vorm van controle die voortkomt uit angst. Ik probeer de uitkomst te voorspellen en te sturen, zodat ik geen terugval krijg. Het is rationeel, maar ook vermoeiend, omdat het me in mijn hoofd houdt en weg van het vertrouwen in mijn lichaam en het moment.
“Overgave betekent niet simpelweg accepteren, maar het loslaten van controle over het eindresultaat. Het is een keuze om het niet-weten te omaren en te vertrouwen dat de uitkomst niet jouw taak is, maar die van het leven zelf. Alleen in die overgave kun je echt rust en vertrouwen vinden, zonder gehecht te zijn aan wat de uitkomst zal zijn.”
Veilig in je lijf door overgave
“Oefenen in overgave is iets wat ik vaak heb gedaan en nog steeds doe,” schrijft Steff Beerenfenger, ervaringsdeskundige ziekte van Crohn in een van zijn blogs. “Juist daardoor ben ik me veilig gaan voelen in mijn lijf. Overgave begint bij bewust worden van wat er is, zonder oordeel, zonder verzet. Voelen in plaats van vechten. Niet proberen te controleren wat er gebeurt, maar toelaten wat er ís. Door het helemaal te laten zijn, geef je je lichaam het signaal: het is veilig. En waar veiligheid is, ontstaat ruimte voor herstel.”
Steff heeft het eigenlijk “gewoon” over mindfulness. De mindfulness training (MBSR) zoals we die nu kennen in Nederland, is oorspronkelijk ook ontwikkeld voor mensen met chronische aandoeningen. Hoe leer je leven met ongemak dat niet weggaat?
“De ware krijger vecht niet om te overwinnen, maar om zichzelf te doorgronden. Hij legt zijn wapen neer wanneer hij zijn hart durft te openen.”
Het uitje van de drie ademhalingen
Het algemene beeld over mindfulness is dat het vooral draait om de mind, oftewel gedachten, maar het gaat vooral over voelen, het bewust ervaren van je lichaam, en de wisselwerking tussen emoties en gedachten. De afgelopen maanden keerde ik steeds meer terug naar die basis. Mijn lichaam dwong me tot vertraging, maar het werd ook een actieve oefening. Ik doe veel Yoga nidra, een vorm die lijkt op de bodyscan uit de MBSR. En op andere momenten, zoals in de snackbar, probeer ik even stil te staan bij mijn adem en mijn lijf. Ik raakte geïnspireerd door schrijfster Toni Bernhard om die oefening weer af te stoffen. In mijn training noem ik het de drie minuten ademruimte. Toni noemt het in haar boek, de Kunst van het ziek zijn, ‘het uitje van drie ademhalingen’: drie keer bewust in- en uitademen, en voelen wat er in je lichaam gebeurt. Meer is het niet eigenlijk en dat is precies de kracht. Het kan even wat ontspanning geven, overgave, of een realitycheck. Want ook als er géén ontspanning is, is dat oké. Dan ben je in ieder geval bewust van hoe het met je gaat. Je zegt tegen je lijf, wat er ook is, het is veilig nu.
“Het uitje van de drie ademhalingen aard je lichaam, waardoor je aandacht gaat naar wat er nu in je leven gebeurt, omdat je lichaam altijd in het nu is. Even een helende onderbreking van al je geestelijke geklets.” – Tony Bernhard
“Even een bewust momentje via de adem heeft daarnaast nog een krachtig effect”, vult ze nog aan in haar boek. “In lastige situaties waarin je impulsief zou kunnen reageren, helpt het je om kort stil te staan. Door drie bewuste ademhalingen geef je jezelf de ruimte om na te denken voordat je iets zegt of doet.” In de MBSR noemen we dit een stressrespons, wat niet alleen een bewuste pauze is, maar ook een vorm van overgave. Je komt los van je automatische patronen en erkent wat er is, zonder te vechten of te vluchten. In die ruimte ontstaat de vrijheid en dus ook veiligheid om bewust te kiezen hoe je reageert.
“De stressrespons zoals die in mindfulness wordt beoefend, is vaak niet het onderdrukken van stress of het ‘fixen’ van een situatie, maar eerder het bewust stoppen, voelen wat er is, en ruimte maken voor een andere keuze. Dat vraagt om overgave.”
Altruistische vreugde
Ik lig op bed, moe van de dag en verlang naar rust. In de woonkamer hoor ik Joya, Namé en Karin plezier maken. Ze zingen, lachen, maken grapjes. Ik wil wat lezen maar kan me niet concentreren, irriteer me aan ze. Ik wil bijna roepen: “Kunnen jullie stil zijn alsjeblieft!” Maar ik herinner me mijn adem. Ik houd me in, adem wat dieper in en uit.
Opeens denk ik aan een oefening van Toni Bernhard over altruïstische vreugde (vreugde cultiveren voor het geluk van een ander). Ze beschrijft hoe ze op bed lag en zich eerst verdrietig en jaloers voelde toen ze hoorde dat vrienden naar haar favoriete badplaats gingen. Maar door zachtjes te zeggen: “Wat fijn dat ze naar de zee gaan,” veranderde haar afgunst langzaam in oprechte blijdschap. Geïnspireerd door haar woorden begin ik zachtjes te fluisteren: “Wat fijn dat Joya, Namé en Karin het zo naar hun zin hebben.” Ik hoor ze zingen en lachen. “Wat fijn dat ze plezier maken.” Terwijl ik die woorden herhaal, voel ik ineens tranen opkomen. Mijn weerstand is weg. Ik ben oprecht blij voor ze.
“Let us try to teach generosity and altruism, because we are born selfish.” — Richard Dawkins
Toni Bernhard zegt: “Altruïstische vreugde is geen oppervlakkige poging om je eigen lijden te negeren, maar een bewuste keuze om het geluk van een ander te erkennen en daar vreugde uit te halen. Het vraagt om overgave: het loslaten van je eigen pijn, al is het maar tijdelijk, om ruimte te maken voor verbondenheid. Het is een mindfulness-respons, geen truc, maar een zachte kracht die helend werkt.”
“To change is to break the habit of being yourself.” – dr Joe Dispenza
Er valt niets te fixen
Het oefenen in overgave is allesbehalve passief, het is juist actief en gaat hand in hand met mindfulness. “Maar wees voorzichtig”, zegt Steff, “Laat oefenen in overgave geen nieuw’ fixen’ worden. Het is een fundamentele shift hoe je naar je lichaam kijkt. Niet langer vechten tegen de symptomen, maar je lijf ondersteunen in wat het echt nodig heeft. Verander je overtuiging naar: “mijn lichaam wil herstellen en ik ga het de juiste omgeving geven. Laat de drang los om ‘hard te werken aan je herstel en focus op zijn in plaats van doen.” De essentie dus ook van mindfulness. Want herstel gaat niet alleen over het fysieke. Ook emotioneel merk ik dat er iets nodig is. Niet wegduwen wat lastig voelt, maar erbij blijven. Niet automatisch reageren zoals ik gewend ben, maar even stilstaan.
“Ontsteking is de meest natuurlijke vorm van herstel. Als er ergens schade is in je lijf, reageert je lichaam met warmte en activiteit, een ontstekingsreactie die bedoeld is om te helen. Wanneer je dat proces ziet als herstel in plaats van gevaar, ontstaat er een gevoel van veiligheid.”
Ik ben bang
“Ik voel me bang,” zei ik aarzelend afgelopen week op een avond tegen Karin. Even daarvoor was ik naar boven gevlucht, zoals ik dat vaker doe. Maar dit keer dacht ik: ik kan het ook anders doen.
Naar buiten toe ben ik vaak een open boek, maar thuis gaat de deur vaak op slot. Ook dat voedt de onveiligheid in mijn lijf, de strijd. Als kleine Davey en als puber trok ik me terug. En eerlijk? De weken voorafgaande aan de piek van mijn darmontsteking voelde ik me weer precies zoals toen. Ik wás gewoon weer die kleine Dave, bang, alleen op mijn kamertje. Maar de volwassen Dave mag nu opstaan. Zorgen voor dat kind, die puber. Hem geruststellen, erbij blijven. Het leed delen. Liefde vinden in het gezin. Niet meer alles alleen hoeven doen. Simpelweg naar beneden lopen en zeggen, “ik ben bang”. Het was geen grote stap. Maar het was een andere keuze. Ik gaf erkenning aan mijn gevoel, en deelde het. En dat maakte een groot verschil. Ook dát is voor mij oefenen in overgave.