Vriendelijkheid

met een vriendelijke blik
kijkt Buster me aan
alsof hij wil zeggen ‘kom maar’
hij legt zijn hoofd op mijn schoot
en sluit zijn ogen
in de Walnotendreef
hij blaft zachtjes
lieve Dave

met een zachte stem
vraagt Karin hoe het gaat
ze legt een hand op mijn schouder
en zegt dat ze me begrijpt
ik sluit mijn ogen
op het 1e Eeldepad
in haar armen
in mijn hart

met een brede glimlach
dansen mijn dochters door de kamer
hun ogen twinkelen
ze kraaien van plezier
of ik naar ze wil kijken
in de Billie Holidaystraat
natuurlijk lieverds
het liefst voor altijd

met de vertrouwde aanraking
van een vader
sluit ik mijn armen
om mijn buik
ik geef mezelf een knuffel
bij mijn favoriete Noordzee
en fluister zachtjes
het is oké

‘Wat ben je toch een loser? Je bent echt een slechte partner? Klootzak! Tjonge jonge jonge.’ En ik ga nog even door. ‘Niet te geloven, en je traint nog wel in compassie!’ Ik lig in bed, en lul in mezelf. Mijn innerlijke criticus is aan het woord. Ik heb vanavond een compassiemeditatie gedaan. Allemaal aardige dingen mezelf toegewenst. Daarna op de bank geploft naast Karin, die hard moest lachen om iets dat ze zag op haar telefoon. ‘Doe eens niet zo irritant’, floepte ik eruit voordat ik het doorhad. Ze was vrolijk en ik kon dat niet hebben blijkbaar. Ik merkte direct aan haar en mezelf dat het een hele foute opmerking was. Een golf van schaamte ging door me heen, probeerde me er quasi nonchalant nog uit te lullen… ‘het was een grapje.’ Maar het kwaad was al geschied. Nu lig ik alleen in bed, mezelf te veroordelen…

‘The most terrifying thing is to accept oneself completely.’ – C.G. Jung

Zelfliefde is (niet) normaal

Zelfliefde of vriendelijk zijn voor jezelf is een van de dingen waar mensen in mijn mindfulness training vaak mee stoeien. Ik herken het maar al te goed. Misschien komt het door onze religieuze achtergrond met de nadruk op het goede versus het slechte of het kapitalisme en de prestatiegerichtheid. Het is nooit goed genoeg. Ik weet het niet, maar het is een dingetje in onze maatschappij. In Azië is dat anders. Er gaat een verhaal rond dat de Dalai Lama eens een bezoek bracht aan een psychiatrische instelling in West-Europa en te horen kreeg dat zo’n beetje elke cliënt leed aan een negatief zelfbeeld. De Dalai Lama reageerde met een groot vraagteken, hij had nog nooit van dit fenomeen gehoord.

‘The older you get, the more you understand how your conscience works. The biggest and only critic lives in your perception of people’s perception of you rather than people’s perception of you.’ –  Criss Jami, Killosophy

‘You’re always with yourself, so you might as well enjoy the company.’ – Diane Von Furstenberg

Mijn duistere kant

Als je aan 10 collega’s of vrienden van mij zou vragen om mijn karakter te beschrijven, dan zouden de meesten denk ik zeggen dat ik vriendelijk ben. Zacht, lief, sociaal, aardig zouden ze misschien ook kunnen zeggen. Nou, ik zal je vertellen: ik heb ook een andere kant. ‘Waarom ben je wel zo gezellig tegen je collega’s en niet tegen mij?’, vroeg Karin van de week nog nadat ik een teamsmeeting afrondde in de woonkamer. De discrepantie is soms groot, hoe ik tegen haar doe, en hoe ik me gedraag tegen anderen. Maar ook mijn innerlijke stem heeft een venijnig randje.

‘Be kind to yourself this evening. Buy something for yourself. Treat yourself to a meal. Look in the mirror and give yourself a smile.’ – Yoko Ono

JA

‘Door met compassie te oefenen zal je gedrag misschien wat zachter worden of helpt het je om eerder sorry te zeggen als zoiets gebeurt’, zegt trainster Suzan Oostvogels als ik haar vertel over mijn ervaring van de avond ervoor op de bank met Karin. Ik volg bij haar een compassie training. ‘Maar geloof mij je gaat nog vaak genoeg uit je slof schieten tegen je vriendin of gemeen tegen haar zijn of tegen jezelf. Maar kun je dan ja zeggen, ook tegen die donkere kant van jezelf?’ Die laatste komt binnen. Ik oefen daar al jaren mee maar was het weer vergeten. Kan ik dat? Kan ik vriendelijk zijn tegen die duistere Dave?

‘’I prepare myself for metta meditation by imagining a little kitten. I like cats, especially kittens, so my imaginary kitten is to loving-kindness as gas is to a flame. I only need to think of my little kitten and my heart lights up with metta.‘ – Ajahn Brahm

Metta-meditatie

Vanuit het Boeddhisme oefen je vriendelijkheid praktisch gezien door de metta-meditatie. Je zegt vriendelijke zinnetjes tegen jezelf. De klassieke teksten zijn; moge ik veilig zijn, moge ik gelukkig zijn, moge ik gezond zijn, moge ik met gemak leven. Ik heb het in de afgelopen jaren al duizenden keren gezegd. Ook nu weer tijdens deze compassie training probeer ik mezelf vriendelijk toe te spreken. Maar het kost me moeite, omdat ik die gemene kant van mezelf niet goed trek. Maar ook omdat ik de zinnen nog steeds een beetje raar vind: moge ik, dat zeg je toch niet?! En daar is weer die criticus. ‘Denk maar aan een heel fijn of gelukkig moment, en kijk of je dat gevoel richting jezelf kunt sturen’, hoorde ik een Boeddhistisch leraar in een lezing zeggen over metta beoefening. Of denk aan een poesje zoals Ajahn Brahm zegt. Die benadering werkt beter voor mij. Dus naast die verdraaide zinnetjes, denk ik nu soms aan Buster, onze oude hond, aan mijn dochters, en aan Karin, en onze fijne momenten. Ik word vrolijk van die gedachten, en probeer dan met dat gevoel te zitten. Ook nadat ik weer eens een kut opmerkingen heb gemaakt.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *