Roze fiets

ze bouwt haar eigen fiets
met een wiel van papa,
een wiel van mama
en een ketting
uit het verre verleden

ze knutselt hem in elkaar
met liefde
haar eigen fiets
vol toeters en bellen
zo roze als verlegen

haar eigen roze fietsje
om te reizen naar Parijs
om te demarreren
om te slippen
door de plassen in de regen

met haar eigen panterhelm
en van haar zus een vlag
én een mandje
om te shinen
op een zonnige dag

van school krijgt ze trappers
van tante een slot
van de oma’s een rem
‘Voorzichtig maar lieverd
je hoeft niet kapot’

ze bouwt ze haar eigen fiets
met spaken van pa
banden van ma
en een stuur uit de toekomst
haar unieke fiets

daar gaat ze
haar hoofd vol in de wind
voetjes als pedalen
en op het zadel haar hart
zo blij als een kind

‘Ik weet dat jullie me goed vinden dansen, maar mijn hoofd zegt dat ik niet goed kan dansen’, zegt Namé verdrietig. We dansen op Justin Timberlake, maar ze haakt af. Ik schrik een beetje van haar woorden. Vierenhalf jaar pas en dan al deze zelfkritiek? Ze zit op de bank, beteuterd. Haar handen op haar schoot, benen vooruit en de haren voor haar gezicht.

‘Wanneer een peuter verdrietig is, schopt en gilt, of een schoolkind schreeuwt en met deuren smijt, is dat natuurlijk niet de beste tijd om je af te vragen wat er werkelijk aan de hand is. Wij moeten eerst door de onmiddellijke crisis heen. Wanneer kinderen overstuur zijn – wat de oorzaak ook is – kunnen zij niet denken. Zij worden meestal door intense gevoelens overspoeld en willen niet dat wij op hen inpraten. Zij hebben er behoefte aan dat we tijdens de storm bij hen blijven, dat we niet uit ons evenwicht raken, omdat zij uit hun evenwicht zijn geraakt. We zouden ons kunnen voorstellen dat we tijdens de storm een grote eik zijn, een solide, overwervelende vriend, die niet noodzakelijkerwijs begrijpt wat er aan de hand is of antwoorden heeft, maar een welwillende aanwezigheid.’ – Jon Kabat Zinn

Kinderen accepteren

‘Hoe kan ik haar helpen? Wat kan ik doen voor haar?’, vroeg ik me af na de opmerking van Namé. In het boek ‘Met kinderen groeien’ deelt Myla Kabat-Zinn eenzelfde worsteling en een oplossing. ‘Mijn tienjarige dochter ligt in bed’, schrijft de vrouw van Jon Kabat Zinn. ‘Het licht is uit en ze zegt: ‘Mammie, ik voel me zo verward. ’Ik antwoord: ‘Waarover ben je zo verward?’ Zij zegt: ‘Ik weet het niet. Ik voel me gewoon verward.’ Ik worstel met mijn behoefte om alles in orde te maken… ‘Je mag je best verward voelen.’, zeg ik. Ze zegt: ‘Echt waar?’ Ik zeg: ‘Ja, hoor.’ Ze is stil en sukkelt in slaap.’ Kinderen hebben dus soms geen oplossing nodig of een gesprek. Door er te zijn, hem of haar vast te houden, kunnen ze soms een bepaalde onzekerheid of verwarring accepteren. Jouw acceptatie als ouder kan leiden tot acceptatie bij een kind. Zo simpel, maar oh zo moeilijk soms.

‘The greatest gift that you can give to others is the gift of unconditional love and acceptance.’ – Brian Tracy

Is mijn buik sukkel?

‘Is mijn buik sukkel dan?’, floept een meisje eruit. Iedereen moet hard lachen. ‘Wat bedoel je precies?’, vraag ik aan haar. ‘Nou omdat u zegt dat er in de buik geen gedachten zijn en niet kan denken, is ie sukkel.’ Ik geef mindfulness training aan een groep 7 in Rotterdam Zuid. Mindfulness voor kinderen betekent kids op spelende wijs laten snuffelen aan mindfulness en ze een beetje bewust maken van hun binnenwereld. Na de les vraag ik of een jongetje nog even blijft. Hij heeft de hele les eigenlijk vervelend gedaan, kon niet stil zitten, was aan het pesten, kletsen en zelfs een paar keer letterlijk aan het vechten. ‘`Het was moeilijk voor je vandaag he?’, zeg ik tegen hem. Ik zit op mijn knieën. ‘Ik ben nieuw in de klas en heb geen vriendjes’, zegt ie tegen me. ‘Ik begrijp het.’ Eindelijk is hij rustig. De klas lijkt hem te overprikkelen. ‘Dit was toch niet leuk?’ ‘Nee, meester.’ Ik wil hem helpen, ben niet boos, maar ik weet niet precies wat ik moet zeggen. Hij zegt wat ik wil horen.. ‘Ja meester’ en nog een keer…’Ja, meester.’ We praten nog even over de les en dan komt zijn vader hem halen. ‘Tot volgende week meester.’

‘Van nature zijn kinderen juist heel ‘mindful’. Wanneer een peutertje over straat loopt, zal hij elk bloemetje en drolletje onderzoeken. En ‘mindfulness’ staat voor die opmerkzaamheid: nieuwsgierig observeren, zonder oordeel. Maar blijft een kind stilstaan bij een bloem, dan zeggen wij: opschieten. Buigt een kind zich vol verwondering over een drol, dan zeggen wij: nee, dat is gevaarlijk. We leren onze kinderen zo hun aangeboren ‘mindfulness’ af.’ – uit het artikel: na volwassenen zijn nu de kinderen aan de beurt met mindfulness

Soevereiniteit van onze kinderen

‘We hebben allemaal een mooie gekleurde fiets, dat zijn onze ikken, en op het zadel zit ons hart’, hoor ik coach Ida te Lindert later die avond zeggen in een lezing. Ik vertaal de ikken- en fietstheorie ongeveer zo. Zolang je je hart op je zadel kunt laten, leef je eigenlijk vanuit dat hart of volstrekt als wie je bent. Jon Kabat-Zinn noemt dat in ‘Groeien met kinderen’ soevereiniteit, in het Boeddhisme noemen ze het de Boeddhanatuur. Oftewel je ware zelf, liefde. Je ikken zijn de fiets die je nodig hebt om te kunnen fietsen (functioneren) in deze materiele wereld. Zolang je hart op het zadel van jouw ikken-fiets blijft zitten kan dat een mooie samenwerking zijn en blijf je tot op zeker hoogte authentiek en leven in lijn van het hart. Gaan de ikken met je aan de haal, wat vaak ook in (ongewenst) gedrag/ gevoel tot uiting komt, dan bungelt je hart er achteraan. Als opvoeder of leerkracht is het de kunst door dat gedrag heen te prikken. Jon Kabat-Zinn verwoord het zo: ‘Als ouders of leerkrachten dienen wij altijd de soevereiniteit, de intrinsieke goedheid en schoonheid van onze kinderen te herinneren, en erop te vertrouwen, ook en vooral wanneer wij er bijna niet mee in contact zijn of wanneer zij het minst duidelijk zijn.’

‘Kinderen worden met soevereiniteit geboren, komen dus volstrekt als wie en wat ze zijn ter wereld. Wij mogen graag denken dat ieder kind dat geboren wordt, een incarnatie is van wat het heiligst in het leven is, en dat wij als ouders de ontwikkeling en het tot bloei komen van hun wezen en hun schoonheid bewaken.’- Myla Kabat-Zinn

Magische momenten

Terug naar de danszondag. Als ik even later bij Namé op haar bedrand zit voor het slapen gaan, kom ik nog even terug op het dansen. Ik kan het niet goed loslaten (accepteren..): ‘Papa doet ook maar wat hoor als ie dans’, zeg ik zachtjes. ‘Als je maar plezier hebt, joh.’ Het blijft stil en ze drukt haar hand tegen haar neusje alsof ze wil duimen. ‘Kun je nog iets magisch vertellen pappa?’

‘The best dancer is the one who has the most fun.’ – unknown

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *